Het ontstaan van de AA

Dr. Carl G. Jung was waarschijnlijk de eerste in 1934 die sprak in “de taal van het hart”. Taal die nu het symbool vormt van AA.

De grote Zwitserse psychoanalyst vermoedde er echter weinig van dat een 30-tal jaren later zijn nederige woorden door duizenden alcoholisten, die toen bestempeld waren als onherstelbaar, nu echter hersteld zijn, alsook hun gelukkige familieleden en vrienden uit de vier windstreken.

Het is allemaal begonnen op een mooie dag in de spreekkamer van Dr. Jung. Hij legde Roland H. uit dat de medische en psychiatrische wetenschap machteloos stond tegenover het alcoholisme. Er zou echter wel mogelijkheid tot herstel zijn, aldus Dr. Jung, als de patiënt een geestelijke hervorming kon ondergaan.

Roland H,, een Amerikaanse alcoholist, die de woorden van Dr. Jung geloofde besloot zijn krachten aan te passen en zijn leven te wijden aan de zorg voor die geestelijke kracht die machtiger was dan hij. Een kracht die hij ondervond in de „Oxfordgroup” een godsdienstige vereniging die toen, zowel in Europa als in Amerika, populair was.

Alcoholisten werden geholpen door een eenvoudige aanwijzing van morele aard, nl. erkennen van eigen fouten, voornemens om te beteren door gebed en meditatie, zich aan anderen te wijden en hen te helpen.

Een van deze die zo geholpen werden was Edwin

[Ebby) T. die zijn boodschap van vreugde mededeelde aan een andere voormalige schoolkameraad Bill W. die te Brooklyn in „het huis in Clynton street” woonde.

Aan de keukentafel aldaar deelde Ebby aan de door Gin verzopen werkloze Bill, eens een der knapste mensen uit Wall street, zijn ondervindingen mede.

Dr- William Silkworth (het toenmalig diensthoofd van het Staatshospitaal Manhattan (een instelling voor alcoholisten en aan verdovingsmiddelen verslaafden) had reeds Bill en zijn vrouw Lois verteld dat Bill een snelvorderend en onherroepelijk geval van alcoholisme was, en dat het een obsessie was die hem tegen zijn eigen wil deed drinken; een allergische gevoeligheid voor alcohol, een sluw, krachtig en verbazend verdovingsmiddel. EEN enkele borrel was reeds voldoende om Bill aan het „zuipen” te brengen.

Na ‘het bezoek aan Ebby deed Bill op 11 december ’34 nogmaals zijn intrede in ..Towns Hospitaal” om ,,uitgedroogd” te worden. Ebby kwam hem daar nog eens bezoeken. Enkele minuten nadien werd Bill “die niet godsdienstig was ” een geweldige verandering in de geest gewaar. Hij voelde dit aan als een opluchting en bevrijding van de drang om te drinken.

Toen hij Dr. Silkworth hierover sprak lachte deze hem niet uit, doch moedigde hem integendeel aan om in zijn eigen herstel te geloven. Hij veroorloofde hem zelfs andere alcoholisten te bezoeken en deze trachten te helpen. Uiteindelijk kreeg Bill een waterkansje om zich nogmaals in de zakenwereld te vestigen. In 1935 op 15 augustus werd hij echter verslagen, was weer failliet, en zonder werk.

Onmiddellijk wou hij zich naar de bar van het Mayflower Hotel begeven om zijn verdriet te vergeten, toen hij zich plots realiseerde dat hij er behoefte aan had om een andere alcoholist te helpen als deze hem nodig had.

Het was dan ook een historisch moment voor AA toen Bill de Mr. Walker Trunks belde om deze te vragen hoe hij een alcoholist kon helpen.

Mr. Trunks kende enkele leden van Oxfordgroep van wie hij vermoedde dat zij Bill zouden helpen. Bill kreeg het adres van een niet alcoholist die hem begreep nl. Mevrouw Henrietta Seiberling. Zij bracht Bil! in kennis met een Dr. Bob S, een beroemd chirurg die op het punt stond zijn carrière te ruïneren wegens de drank. De twee stichters van AA ontmoetten elkaar voor het eerst aan de ingang van het Seiberling Estate, te Akron.

Dr. Bob dronk zijn laatste borrel op 10 Juni 1935. Hij maakte Bill er al zeer spoedig op attent dat om permanent nuchter te kunnen blijven men deze deugd aan anderen moest kunnen brengen. Gezamenlijk begonnen zij alcoholisten te helpen, en aldus ontstond AA groep nr. 1.

In 1939 gaven de eerste 100 leden een boek uit welk het relaas mededeelde van hun ondervindingen. Zij gaven dit werk als titel ..Alcoholica Anonymus”. Dit werd de naam van de jonge beweging.

Een grote vooruitgang betekende het toen John D. Rockefeller Jr. een diner gaf ter ere van AA en dit in de zeer selecte „Union Club” te New York op 8 februari 1940. Onder de genodigden bevonden zich enkele der rijkste en invloedrijkste Amerikanen.

Bill behandelde er enkele van de meest hopeloze gevallen en vertelde over de mogelijkheden van een reuze ontnuchteringcampagne. Hij heeft het verloop van AA bekendgemaakt.

Ook Dr. Foster, de bekwame neuroloog, en Dr. Harry Emerson Fosdick zongen de lof van AA in hoge tonen.

Toen deelde Nelson Rockefeller , onder de indruk van de ziekte van zijn vader, mede dat AA volgens geestelijke richtlijnen werkte en dat geld alles zou bederven.

Wanneer de straatarme stichters bekomen waren van het plotse ‘heengaan van hun financiers in wording zagen zij toch in dat er iets belangrijker was dan geld, namelijk het principe van kleine organisatie, zelfstandigheid, anonimiteit en een niet carrière zaak. Volgens deze standregels is AA gegroeid. Enige tijd later verscheen het 1° bulletin bestemd voor al de groepen, en dat tot doel had : alle leden samen te houden in geest, al dan niet in werkelijkheid.

Uit alle havens der wereld kwamen zeelieden die AA mede opgericht hadden naar New York en zo werd de wereldwijde broederband gevormd. De wanhoop nabij door de drukte, begon het kleine bureau pamfletten uit te geven die antwoordden op de meest voorkomende vragen die toekwamen van waar groepen opgericht werden.

Een jaar later werd de eerste uitgave van „The Grapevine” gedrukt, een maandelijks tijdschrift. Hierin werden vele gedachten voorgesteld en uitgewerkt zoals de 12 Tradities, het 24 uren Programma, e.a.

De persoonlijke opinie van Dr. Jung betreffende AA werd voor het eerst gepubliceerd in Grapevine van januari 1963. Tijdens de 25ste Conventie ter gelegenheid van dezelfde verjaardag van AA te Long Beach California introduceerde AA zijn boek : ,,AA wordt meerderjarig” (AA becomes of Age),

Het is een 21 jaar oude indrukwekkende geschiedenis waarvoor geen schrijver ooit betaald werd alhoewel sommige onder hen tot de beroemdste schrijvers ter wereld behoren. Men gebruikte materiaal van gevraagde als van anonieme personen en AA leden.

Tijdens de eerste Internationale vergadering in 1950 te Cleveland werden de “12 Stappen en 12 Tradities” aangenomen als fundamentele basisprincipes die ieder lid op zichzelf moest toepassen volgens zijn eigen geweten.

Wie zou hem vervangen ?

In 1951 hield men te New York de 1ste Algemene Dienst Conferentie, als antwoord op de voorstellen van BilI W. en Dr. Bob betreffende eventuele opvolgers. Het idee was om te trachten gedurende 5 jaar te bewijzen of het mogelijk was vertegenwoordigers uit Canada en de V. S. wanneer deze jaarlijks bijeenkwamen, wel degelijk hun functie konden uitoefenen, als publieke opinie van AA en de gehele werelddienst zonder daarom een enkel lid van AA of Groep onder hun bevel te hebben.

Blijkbaar stak het idee vol bekoringen. Zou geld, machtsmisbruik en de politiek de ondergang van AA veroorzaken ? Zou de schuchtere poging van een dronkaard om een ander te contacteren wel blijven bestaan?

Nochtans werd het idee een succes. In 1955 tijdens de 2de Internationale conventie te St.-Louis werd beslist dat de beweging nu volwassen was en nu de verantwoordelijkheid van wereldzaken op zich kon nemen.

Vanaf dat ogenblik werd de werelddienst van AA de verantwoordelijkheid van de leden in ’t algemeen.

De Alcoholic Foundation, nu het Algemeen Dienst Bureau werd de dienende beheerder van alle AA groepen.

“Er zijn nog miljoenen stervenden alcoholisten die nog onwetend zijn van de ,,taal van het ‘hart”. Zij weten zelfs niet WAAR die gesproken wordt. Zal er iemand zijn om deze taal tot hen te richten als zij komen opdagen ?”

„Deze verantwoordelijkheid is de uwe zowel als de mijne, juist daarom mag een verjaardag van AA geen herinnering zijn aan het verleden. Ter wille van de volgende zieke alcoholist die binnenkomt, zowel als ons aller nuchterheid van morgen, mag het verhaal van AA niet gisteren eindigen, doch moet het steeds beginnen”.

Laten wij hier ten lande de vele vrienden ” niet alcoholisten ” niet vergeten die ons de AA leerde kennen. Die ons steunden, ons begrepen en ons aanmoedigden. Die onze eerste wankelende en aarzelende stappen in AA leidde.Vele gezichten, zelfs van overledenen komen voor de geest. Om er geen te vergeten zullen wij er geen noemen. Maar waar zij ook zijn, zij mogen overtuigd zijn dat wij hen dankbaar zijn en dit steeds zullen blijven.

Dank zij hen is AA in Nederland geworden wat het nu al is. Wij durven op hen rekenen om ons nog meer aan te zetten de “taal van het hart” over heel Nederland te laten weerklinken voor hen die ze nog zo nodig hebben.Want,

„IK BEN VERANTWOORDELIJK, wanneer iemand om het even waar om hulp vraagt.

Ik wil dat de helpende hand van AA ook daar zou zijn.

EN DAARVOOR BEN IK VERANTWOORDELIJK”.